dipje

Even een dip, want waar zou ik nu weer eens over kunnen schrijven, ik beleef toch niks als meestal thuisblijvende ‘muts’. Ik bladerde maar weer eens door de gemaakte foto’s van de afgelopen weken.

Langs de lange weg van en naar ons dorpje groeien zonnebloemen in de goot, en zowaar stokrozen in de berm. In mijn tuin wilden deze laatsten dit jaar niet groeien en bloeien maar aangezien het tweejarigen zijn heb ik nog hoop voor volgend jaar. Thuis groeien ook her en der ondeugende viooltjes tussen de tegels van de oprit. Dat dwarse, daar hou ik wel van.

de week van mij

Maar weer eens een overzichtje van wat ik zoal heb uitgespookt gedurende de afgelopen week.

We fietsten naar Kitzbühel en bezochten daar zowaar een museum. Het kleine museum heeft voornamelijk werk van Alfons Walde, een Oostenrijks kunstenaar en architect.

Vanaf het dakterras hadden we een mooi uitzicht over het mondaine stadje.

Bij een mondain stadje hoort een mondain drankje 😀

Kreeg te horen dat er nog heel veel vierkantjes (honderden …..) nodig zijn voor de te creëren kerstboom, dus ben maar weer eens aan de haak gegaan.

Onze vakantie was voorbij, maar alvorens naar huis te rijden liepen we nog een rondje en zagen dit ‘Stecken-Sharing’ oftewel (wandel)stokkendeelpunt.

Thuis aangekomen zag ik dat onze jongste dit keer alle planten in potten voldoende water had gegeven. De aubergine doet het buiten verwachting goed, er zitten 3 redelijk grote en een paar kleine vruchtjes aan de plant.

We reden op en neer naar Brussel in verband met de verjaardag van onze middelste. Het voor hem meegenomen cadeau viel gelukkig goed in de smaak.

Kort voor een flinke bui zag ik twee binnenvaartschepen door het kanaal varen,

kort na de bui liepen we het centrum in voor een hapje en een drankje.

De week eindigde voor mijn man ietwat ongelukkig: bij het houtklieven kliefde hij zo ongeveer door zijn duim. Au. Ai. Na een bezoek aan de SEH mocht hij met geplakte duim in een spalk weer naar huis. En nu weten we het weer: een ongeluk zit in een klein hoekje ……

out of bounds

Zelden gebruik ik Engelse woorden in mijn blog maar dit keer kan ik niet anders: het is nu eenmaal de officiële naam voor een officiële UCI fietswedstrijd. Geen gewone wedstrijd op de weg maar heus ‘downhillen’ oftewel met je verstand op nul keihard de berg afknallen. En dat voor het zoveelste jaar in ‘ons’ Oostenrijkse dorp. Een heus circus met voor mij alleen onbekende deelnemers van topniveau dat hier neerstreek voor vier dagen.

Het schijnt leuk en enorm spannend te zijn om te doen, maar mij niet gezien, laat mij maar fijn gewoon fietsen 😀

of genieten …

en dus …

En dus zijn we (maar) gaan fietsen toen bleek dat wandelen in de bergen geen optie was.

Voor onze eerste tocht deze vakantie parkeerden we de auto aan de rand van het dorpje Going in Tirol. Van daaruit e-fietsten we via Ellmau naar Scheffau en toen flink bergop naar de Hintersteiner See. Een prachtig gelegen meer op 883m hoogte in het natuurgebied Wilder Kaiser, prima te bereiken per fiets (nieuw aangelegd fietspad) maar ook met de auto. Waarschijnlijk is het hier behoorlijk druk in de vakantietijd maar nu was het lekker rustig.

We waren hier nog nooit ondanks we al zo’n veertig jaar hier in de buurt vakantie vieren ….

Aan het eind van de fietstocht – niet zo’n lange, in totaal maar iets van 25km – nog een welverdiende kop koffie op een plek met prima uitzicht. Deze dag was niet verkeerd 🙂

Paaszondag

Op zo’n zonnige Paaszondag zijn er veel dingen die ik wel en persé niet wilde doen. Ik wilde niet uitslapen (ik word meestal tegen vijven even wakker voor een plas en blijf dan daarna altijd even wakker om te genieten van de vele vogelgeluiden, val vervolgens toch weer in slaap maar uiterlijk om acht spring kruip ik mijn bed uit). Ik wilde vandaag echt geen administratie doen, dat kan andere dagen ook nog. Ik ging ook niet in de tuin werken alhoewel de tuin heel hard roept ….. Wasmachine ging ik ook niet gebruiken, alhoewel het windje om de gewassen was in te laten drogen wel vrolijk en uitnodigend waaide.

Wel gingen we een ronde fietsen. Een kleintje had mijn man me beloofd, want ik wilde wel nog alles klaarzetten voor het avondeten dat we samen met oudste en mijn schoonouders zouden nuttigen. En ook nog even rustig zitten voordat zij zouden komen (mijn schoonvader is namelijk nogal aanwezig en dat vreet energie ….). Nou kleintje, uiteindelijk stonden er toch weer ruim 50 km op de teller. Was niet de bedoeling maar achteraf wel fijn.

Die ronde fietsten we dit keer persé niet in het heuvelland, daar is het in de weekeinden veel te druk, zeker met Pasen en zeer zeker met de Amstel Gold Race die daar verreden werd.

We staken twee keer het kanaal over, en liefst twee keer zag ik dezelfde boten. Een keer om 12.16 heel veraf en de tweede keer om 12.58 dichterbij. Zoiets vind ik wel grappig.

Kortom, het was weer een fijne zondag 😀

heuvel op en heuvel af

We gingen fietsen. Op zaterdagmiddag, want dan zou het in het heuvelland nog niet al te druk zijn. Dachten we. Hoopten we. Pff, voor een zaterdag in maart vond ik het toch best druk: nogal wat wandelaars, fietsers, erg hard fietsende wielrenners, te hard rijdende auto’s en motoren en overvolle terrasjes.

We parkeerden de auto in Wittem, op de grote parkeerplaats voor juist ja, hier maar gingen er niet naar binnen. We fietsten van Wittem naar Eys, bekeken vluchtig de plek waar we de as van mijn ouders t.z.t. willen uitstrooien (pap was van Wittem, mijn moeder groeide op in Eys, dus die plek vinden we erg toepasselijk), vervolgens nog door Trintelen, Ubachsberg en Gulpen en namen toen – eindelijk – geruime pauze in Valkenburg bij Brasserie America. Helaas geen plek op het terras, maar de glutenvrije kroketten smaakten binnen niet minder lekker!

Ooit, omstreeks 1971 , gingen wij op vakantie naar Middelkerke. Daar maakten we kennis met de familie America. Zij vierden vakantie in hetzelfde appartementencomplex als wij. Wij kinderen van beide gezinnen speelden van vroeg tot laat op het strand, het waren in mijn ogen twee hele leuke weken. Na die vakantie raakten we elkaar weer uit het oog. Tja, zo ging dat in die tijd zonder Facebook en WhatsApp.

Twee jaar geleden kwam ik erachter dat die familie America van de vakantie de uitbater is van de brasserie met dezelfde naam in Valkenburg. Leuk toch? Vind ik tenminste.

Moe maar voldaan kwamen we aan het eind van de dag weer uit in Wittem. Het was een fijne fietsdag.

Fijn fietsen

Hier is ’t net zulk mooi weer als thuis, heerlijk zo’n nazomer. Fietsen achterop de auto en hup naar het zo’n 30 kilometer verderop gelegen St Johann in Tirol. Van daaruit een niet al te lange maar wel heel mooie route gefietst.

‘Wir sind frei, so schmeckt das Ei’, fijn buiten scharrelende kippen..

Uitzicht op de Kitzbühler Horn.

We fietsten door Going, ‘das Bergdoktordorf’. Voor wie niet weet wat dat inhoudt:

–> der Bergdoktor (Nederlandse Wikipedia), meer uitleg op de Duitse Wikipedia site

Nu is mijn man een fan van Duitstalige televisieseries, liefst zogenaamde Krimi’s maar ook ‘die Bergretter’ en bovengenoemde Bergdoktor. Ach, iedere gek zijn gebrek hè, als ik maar niet mee hoef te kijken. Alhoewel ik dokter Gruber wel erg charmant vind ….

Ik zal proberen zelf een beeld te schetsen:

De serie (sinds 2008) speelt zich af rondom Going en Ellmau. Boven in de bergen ligt een boerderij, de Gruberhof. Daar wonen Elisabeth, haar twee zonen Hans en Martin en kleindochter Lilly. Hans en Martin zijn samen vader van Lilly. Hoe dat zo komt? Nou, Hans was getrouwd met de moeder van Lilly maar die reed een scheve schaats met Martin. Ze is inmiddels gestorven, de arme. Martin is arts, maar geen gewone. Hij is werkelijk van alle markten thuis. Hij verwijdert wratten maar indien nodig is hij ook actief als neurochirurg. Hij is enorm charmant, knap en aardig maar in de liefde niet al te gelukkig. Er zijn al heel wat vriendinnen de revue gepasseerd de afgelopen jaren. Hans en zijn moeder houden de boerderij draaiende. Ook hij is niet al te gelukkig in de liefde. Inmiddels ook nog vader van dochtertje nummer twee bij Wirtin Susanne van de Gasthof uit het dorp, maar die liefde is ook alweer passé. Dat was het zo ongeveer. En dat al tien jaar.

Er waren draaidagen toen wij ‘toevallig’ langs de verschillende locaties in Going en Ellmau wilden fietsten. Dit zijn de Gasthof en de Apotheek uit de serie. De praktijk van dokter Martin mocht vanwege de opnames helaas niet gefotografeerd worden. Daar mochten we alleen snel heen en weer lopen, en nee, we mochten niet figureren ….

Na een heerlijke lunch reden we weer moe (ik dus) maar voldaan naar huis: