opruimen die handel

Dat is wat mijn schoonmoeder zowat dagelijks zei en nog altijd zegt. En met ‘die handel’ bedoelt ze zichzelf. Ze is oud en versleten, en vindt dat maar niks.

Eerst waren het door artritis aangetaste handen die steeds pijnlijker werden. Toen begonnen haar knieën op te spelen. Slijtage pur sang. Ondanks twee nieuwe (halve) exemplaren bleef ze pijn houden.

Sinds jaar en dag laat haar geheugen haar vies in de steek. Triest, zeker omdat ze wist wat er ging gebeuren, ze had het al zo vaak gezien en meegemaakt in haar omgeving: mijn vader, haar schoonzus en zwager, nog een schoonzus. En nu zijzelf. Iets waar ze altijd zó bang voor was geweest ….

Mijn schoonouders wonen sinds kort in een appartement van een kleinschalig zorgcomplex. En dus moesten wij flink aan de gang: eerst inpakken wat mee moest en kon aan meubels en spullen. Nu ze zo goed als gesetteld zijn moet de rest van hun huis nog worden leeggehaald zodat het in de verkoop kan. Opruimen die handel dus.

Ik hoef echt geen spullen meer, ons huis staat vol (genoeg) met alles wat ik in het verleden uit mijn ouderlijk huis heb gesleept. Maar dit nam ik mee, ik kon het niet laten staan. Zoiets vind ik nou leuk:

Ik hoor het mijn man al zeggen als hij straks thuis komt: ‘wat hubs dich noe weier mitgenomme ….’ (wat heb je nu weer meegenomen) 😀

maaltijdservice

Toen mijn vader nog leefde en nog min of meer zelfstandig thuis woonde was het op een gegeven moment nodig om zijn warme hap te bestellen bij een maaltijdservice. Toen – ik spreek over een jaartje of zes jaar geleden – was het nog droevig gesteld met het krijgen van kant-en-klare maaltijden voor mensen met een voedseltolerantie of -allergie.

Nu mijn schoonouders hun maaltijden ook kant-en-klaar moeten bestellen (mijn schoonmoeder is helaas steeds vaker de weg kwijt en weet echt niet meer hoe ze moet koken … ) doen we dat ook weer bij diezelfde maaltijdservice. Nu hebben ze zelfs een hele lijst met glutenvrije maaltijden:

Dus als ik ooit niet meer weet hoe ik moet koken ……

mijn april cultuurmaand

De maand april was mijn cultuurmaand. Dit was nooit de bedoeling, maar het is zomaar zo gekomen. Achteraf bedacht ik dat alles ‘irgendwie’ met elkaar was verbonden ….. Toeval? Dat bestaat niet, toch?

De vader

In januari zou ik naar de voorstelling ‘De Vader’ gaan met Hans Croiset en Johanna ter Stege. Het ging toen niet door omdat de hoofdrolspeler ziek was, maar er werd wel direct een nieuwe datum vastgesteld. Dat zou zijn op 4 april. Ik wist toen – uiteraard – nog niet dat mijn vader (met Alzheimer) op 9 maart zou overlijden. Nog geen 4 weken na zijn overlijden was dus die voorstelling, en ik twijfelde een beetje of het wel zo’n goed idee was om er in mijn uppie heen te gaan. Om te gaan kijken naar een stuk over een vader (Hans Croiset) met Alzheimer en een dochter (Johanna ter Stege) die voor hem mantelzorgt. Enfin, ik ging toch en zat vrij vooraan op rij 2 en heb genoten: zo’n goed spel, zó enorm veel herkenbare situaties! Het was emotioneel maar vooral heel mooi, ik ben blij dat ik ben gegaan.

Tussen kunst en kitsch

Ik ging – samen met mijn broer – zo’n week later met 2 schilderijen uit het huis van mijn vader naar een opnamedag van ‘Tussen kunst en kitsch’. Een klein houtpaneeltje in een enorme grote lijst zeulden we met ons mee, en ook nog een lijst met een deprimerende voorstelling die we vroeger allemaal afschuwelijk vonden. We snapten nooit waarom onze ouders nu net zo’n foeilelijke afbeelding boven hun bed hadden hangen ….. Bij nader inzien bleek het geschilderd door Henry de Groux, het had misschien iets van waarde en dus kregen we kleine €-tekentjes in onze ogen (grapje) maar het bleek een kopie te zijn. Haha, waarde nul dus. Ergens gelukkig maar want tijdens het transport was er ook nog een hoekje van af gescheurd. Het paneeltje werd op zo’n 100 tot 150€ geschat, ook geen vetpot dus. Exit €-tekentjes. Maar het was leuk om dit eens mee te maken.

Lezing door Marcia Luyten

Vorig jaar las ik het boek ‘Het geluk van Limburg’ door Marcia Luyten9200000046552370

Ik heb het toen met veel interesse gelezen, het is per slot van rekening toch de geschiedenis van de streek waar ik ben opgegroeid. Mijns inziens een must voor al degenen die willen weten wat er allemaal speelde in de mijnstreek, in het Limburg van de 20e eeuw, die willen weten hoe het leven vroeger was in de koloniën (wijken) rond de mijnen (met de klemtoon op de laatste lettergreep), die geïnteresseerd zijn in de glorietijd en vervolgens het verval en verloedering na de mijnsluitingen, die willen weten wat de grote invloed van de katholieke kerk was op dit alles, en het leest ook nog eens prettig weg door het verhaal van Jack(ie) Vinders.

Uit blik op de wereld:

Voor de drie-eenheid van de Limburgse macht – mijn, kerk en staat – bleef de onbestendige beroepsbevolking een probleem. De bouw van de mijnwerkers koloniën temperde het woelen. Een huis van de zaak legden de mijnwerkers aan een leiband. Werknemers zaten met handen en voeten vast aan het mijnbedrijf. Maar Henri Poels wist dat de mazen van het net nog kleiner moesten om de zedenbederf tegen te gaan. Marcia Luyten omschrijft hetgeen Poels voor ogen stond iets was als een welwillende dictatuur:’ Er moest een geest komen van geloof, van onderwerping’. God werd een verlicht despoot en Zijn regent luisterde naar de naam Poels.

Enfin, Marcia Luyten gaf dus een lezing. Ik hoorde wat ik al had gelezen, maar dat was niet erg. Het was goed om tussen – ongeveer – leeftijdgenoten te zitten die bewust of minder bewust de sluiting van de mijnen hebben meegemaakt maar vooral de tijd er na: de verloedering van een stad als Heerlen met zijn drugsproblematiek, de grote werkeloosheid, de afbrokkeling van de invloed van de katholieke kerk.

Pinkpop

IMG_2820.jpg

Ik kon op het laatste moment nog een kaartje bemachtigen voor de voorstelling ‘Pinkpop’, gisteravond in de schouwburg van Heerlen. Een mooie voorstelling van toneelgroep Maastricht met een geweldige Huub Stapel, Henriëtte Tol, Suzanne Zeegers èn Rowwen Hèze.

recensie op nrc.nl:

‘Ik ben bang dat m’n hoofd lek is”, zegt de man die – op zijn zestigste – aan geheugenverlies begint te lijden. Waarom hij precies in de garage rondscharrelt, weet hij niet meer. „Waar is hier nou… dat dinges”, mompelt hij. Maar zodra het over Pinkpop gaat, weet hij alle feitjes opeens weer puntgaaf op te lepelen. De bands, de nummers vormen zijn houvast.

Alweer een link met Alzheimer, alweer confronterend.

Ik ben in mijn leven twee keer op Pinkpop geweest. De tweede keer was vorig jaar (hier en hier) maar mijn eerste keer was in 1979, en laat dat nou net het jaar zijn waar het in de voorstelling ook over ging. Yes, ik was erbij 🙂

de afgelopen tijd ….

Tja, er gebeurde van alles de afgelopen weken en toch kwam ik er niet toe om het op te schrijven. Alleen een klein berichtje op mijn andere blog. De reacties daarop waren hartverwarmend.

Maandag 6 maart was ik nog in Oostenrijk. Ik kreeg daar ’s morgens een telefoontje van een van de verzorgsters uit het verzorgingshuis waar mijn vader al bijna 4 jaar woonde. Ze vond dat pap er niet goed uitzag. Hij wilde niet eten of drinken, maar ze vond het nog niet nodig dat ik kwam. Ik heb mijn broers ingelicht, en zij zijn wel gegaan. Volgens een van mijn broers zag pap er niet echt goed uit ….

Vroeg in de avond werd ik gebeld door de verpleeghuisarts: het ging nog niet echt goed, maar omdat ik nog in Oostenrijk was wilde ze hem een kuurtje geven en nog wachten met het toedienen van rustgevende medicatie tot ik er zou zijn.

Dinsdagochtend zijn we vertrokken: ik wilde naar huis! Toen ik ’s avonds bij pap kwam was hij al in een soort van slaaptoestand: hij heeft niet meer bewust gereageerd op mijn aanwezigheid.

Op donderdag 9 maart om 12.45 is mijn vader rustig ingeslapen. Ik was erbij, samen met een van mijn broers. Mijn vaders lijden door Alzheimer is voorbij! Het is goed zo, ik heb er vrede mee.

En toen begon het geregel: begrafenisondernemer gebeld, het hoe en waar en hoe niet besproken, muziek uitgezocht, tekst geschreven omdat ik wilde spreken tijdens het afscheid. Iets waarvan ik altijd had gedacht dat ik dat niet zou kunnen trouwens. Locatie gezocht, want we wilden geen begrafenis vanuit de kerk en geen herdenking in het crematorium. Locatie gevonden: een verbouwde stal, tegenwoordig een mooie feestlocatie waar pap ooit als dierenarts was geweest om koeien te behandelen. Had hij leuk gevonden!

Bloemstuk uitgezocht, vluchten geregeld voor jongste die bij de uitvaart wilde en kon zijn. FaceTime gesprekken gevoerd met oudste en middelste die er helaas niet bij konden zijn in verband met studie en werk in het buitenland.

Advertentie opgesteld voor in de krant, foto uitgezocht voor op het prentje. Dit was makkelijk: middelste had niet zo heel lang geleden een hele mooie foto van opa gemaakt.

Op de vrijdag na de donderdag de kamer van pap al leeggeruimd. Soort van verwerking denk ik en ach, het was niet veel werk. Buiten kleding, foto’s, kaarten, een klein boekenrekje met enkele boeken en tijdschriften had mijn vader geen persoonlijke spullen op zijn kamer. Daar was geen plaats voor …..

Nagels laten lakken, afspraak gemaakt bij de kapper. Kostuum uitgezocht en gekocht  voor manlief en jongste, zij wilden er tiptop uitzien.

De ceremonie was besloten, ingetogen en mooi. Het was goed zo.

En nu ben ik blij dat lente is zodat ik fijn buiten in de tuin kan werken, dat ik daar mijn ei kwijt kan. Want ik heb nu zeeën van tijd ….

 

 

heel soms …

Heel soms ben ik actief op mijn oude blog, de blog over mijn vader met Alzheimer. En heel, heel soms resulteert dat in drie dagen achterelkaar een kort stukje op die blog. Met als gevolg dat ik hier wat minder schrijf. En daarom plaats ik hier vandaag een link zodat niemand denkt dat ik gewoon schrijflui ben 😉

Eigenwijs?

Men, en dan met name degenen die mij van het dichtst bij meemaken, noemen me wel eens eigenwijs. Ik ben de laatste om dat te ontkennen. Maar ik heb er een kanttekening bij: ik weet van mezelf dat ik vreselijk eigenwijs kan zijn, maar ik ben het niet 🙂

Laatst had ik een ontmoeting met iemand waarvan ik nu wel kan zeggen dat ze vré-se-lijk eigenwijs is.

Het was direct na het sporten in het kleedlokaal van de sportschool. Iedereen moe, voldaan en ook vol adrenaline. Ik tenminste wel, ik vind sporten leuk, ben best wel moe na afloop maar krijg er ook energie van. Enfin. Zij zit zo goed als op mijn jas en tas op de bank uit te puffen, schuift maar ietsie op als ze merkt dat het mijn spullen zijn. Ze is erg blij dat de les is afgelopen want, zegt ze ‘dit doe je toch niet voor je plezier?’. Ik zeg iets in de geest van dat het toch best leuk is en ook nog eens erg belangrijk om te bewegen, en dat laatst nog een stuk in de krant stond over sarcopenie, dat het voor iedereen maar in het bijzondere voor ouderen erg belangrijk is om te sporten. Ze kijkt me ietwat  vies aan. Ik heb haar toch niet tegen het zere been geschopt met mijn ‘voor ouderen’? Ze is ruim boven de zeventig, eerder bij de tachtig …

Zij: ‘nou ja, door bewegen voorkom je Alzheimer’.

Nu ben ik toevallig flink ingelezen voor wat betreft Alheimer. Ik kan het dus niet laten om te reageren: ‘dat is niet helemaal waar, men denkt dat Alzheimer kan worden vertraagd onder andere door flink te bewegen, als het kon worden voorkomen ging ik 7 dagen per week sporten ….’

Zij: ‘voeding is belangrijk. Ook om dementie te voorkomen. Als je ziet wat voor rommel kinderen tegenwoordig naar binnen werken. Ook andere ziektes kun je voorkomen of vertragen door gezond te eten Stephen H. bijvoorbeeld, die at glutenvrij en is ondanks zijn ALS erg oud geworden’

Ik: ‘Glutenvrij eet ik al, dus ik ben op de goede weg 🙂 maar die Stephen H, die is toch niet dood, die leeft nog hoor!’

Zij: ‘Nee hoor, die is al járen dood!’

Eigenwijs als ik ben zoek ik het gelijk op. Lang leve het www en de smartphone: ‘Bedoelt u niet Steve J.obs? Die is een aantal jaren geleden overleden, maar H.awking leeft nog’

Zij: ‘Nee hoor H.awking bedoel ik …, ik weet echt wel wat ik zeg hoor en ik heb gelijk!’

Oké, ik zwijg maar en verlaat het lokaal, dit kan ik van haar niet winnen, ook al heb ik gelijk. Zij is eigenwijzer dan ik kan zijn 🙂